Weidevogels – Tureluur

Voor mij zijn vogels nieuw in zekere zin. Natuurlijk, vogels kun je niet over het hoofd zien maar ik was me er nooit zo bewust van als in de afgelopen maanden. Gisteren kreeg ik een tijdschrift van De Vogelbescherming en daar schreef iemand in een colum iets als “Een dag geen vogel gezien, is als een dag niet geleefd!” en ik vind dat daar iets voor valt te zeggen. Ze komen in zo veel verschillende maten, soorten, kleuren, karakters en er moet toch altijd wel een vogel zijn die je opvalt? Zoals de Engelsen het mooi uitdrukken ” That catches your eye.” en ik weet geen betere manier om te beschrijven wat ik bedoel.
In de afgelopen jaren waren het roofvogels die mijn ” oog vingen”, een aantal jaar geleden viel het mij op dat ik overal roofvogels zag en vroeg mij af of dit nu aan mij lag of dat er ineens heel veel roofvogels waren? Ik denk beiden, en ik vraag mij nog steeds af of er een symbolische gedachte te vinden is in het feit dat ik roofvogels ben gaan zien. In mijn werk als fotograaf is er een groot verschil tussen kijken en zien. Zoiets als onbewust en bewust handelen. Ik denk dat ik ze op een bepaald moment echt ben gaan zien, want ik zag geen vogel meer maar de gratie van deze roofdieren. Ik snap nog steeds niet zo goed waarom ze me niet altijd zo zijn opgevallen.
En hetzelfde gebeurd weer, ik zie vandaag de dag vogels die me voorheen kennelijk niet opvielen. Maar ze moeten er wel al altijd geweest zijn. Aan de ene kant vind ik dat maar een pijnlijke onderstreping van een stukje onverschilligheid en aan de andere kant, er is zo veel te zien en je kunt gewoon niet alles tegelijk. En als ik dan in de polder loop op zoek naar de Grutto’s en ik ontdek een voor mij geheel nieuwe vogel, dan zie ik dat ook als cadeautje van Moeder de Natuur.
Een Tureluur! Tringa totanus om correct te zijn. De afgelopen dagen noemde manlief iedere vogel die ik niet kon plaatsen een Tureluus maar dit keer had ‘ ie dan toch eens gelijk! Fel oranje-rode poten, grijzig verendek en een lange snavel. Niet zo lang als die van een Grutto maar lang genoeg om overduidelijk tot de Snipachtigen te horen. Ongeveer 25 centimeter hoog en je ziet je gemakkelijk over het hoofd als ze aan de rand van het water op zoek zijn naar eten, ongewervelde diertjes. Met hun lange snavel zoeken ze in de grond naar voedsel. Er zijn er ook niet veel van, dus zo gek is het ook weer niet als je nog nooit een Tureluur hebt gezien. Momenteel staan ze op de Rode Lijst wat betekend dat ze bij de bedreigde of kwetsbare soorten horen. De Tureluurs die in Nederland broeden zijn hier alleen in het voorjaar en de zomer, de rest van de tijd overwinteren ze in Zuidwest-Europa en Noord-Afrika. Het broedseizoen duurt van half april tot eind juni, 22 tot 25 dagen duurt het voordat een kleine Tureluur uit het ei komt. Zijn wiegje is een kuiltje in het gras, liefst in een weiland. De ouders vlechten het gras bijzonder inventief over het nest heen om het zo te verbergen. En ze hebben nog een slimme tactiek om hun kroost te beschermen, ze hebben graag de Kievit als buur omdat deze bijzonder slim hun vijanden om de tuin weet te leiden.
De Tureluuren bij ons in de polder zullen tevreden zijn over hun buren, het zit er namelijk vol met Kieviten!
Tags: Lente, polder, snipachtigen, trekvogel, Tringa totanus, tureluur, voorjaar, weidevogel
Leuk he, om steeds meer te zien. Je Tureluur is fantastisch.
Laat maar komen die weidevogels. Nog beter, maak er een aparte categorie voor. Want er komen er vast nog veel meer.
Kus